Een directeur-grootaandeelhouder (DGA) van een Nederlandse BV met een belang van ≥ 5% moet een "gebruikelijk loon" opnemen van minstens € 58.000 in 2026 (was € 56.000 in 2025). De volledige regel is een waterval van drie toetsen: vergelijkbare dienstbetrekking, best betaalde werknemer in de groep, of de wettelijke ondergrens, afhankelijk van welke het hoogst is. Voor echt passieve opzetten bestaan er vrijstellingen.
Wat is een DGA?
DGA staat voor directeur-grootaandeelhouder: een bestuurder die tegelijk "groot" aandeelhouder is en minstens 5% van de aandelen direct of indirect houdt (bijvoorbeeld via een persoonlijke Holding BV). Het is veruit de meest voorkomende opzet voor een oprichter van een Nederlandse BV: je bent zowel de persoon die het bedrijf leidt als de persoon die het bezit.
Omdat de DGA tegelijk werknemer (de bestuurder) en eigenaar (de aandeelhouder) is, moet het belastingstelsel bepalen hoeveel van het geld dat je eruit haalt salaris is (belast als loon uit dienstbetrekking) en hoeveel rendement op je aandelen is (belast als inkomen uit aanmerkelijk belang). De gebruikelijkloonregel is de manier waarop die grens wordt getrokken.
De gebruikelijkloonregel (gebruikelijk loon)
De gebruikelijkloonregeling stelt een minimumsalaris vast dat de BV aan haar DGA moet betalen. Dat minimum is het hoogste van drie toetsen, toegepast als een waterval:
- Vergelijkbare dienstbetrekking. Wat een werknemer zonder aandelen voor hetzelfde werk in een vergelijkbare functie betaald zou krijgen. Als een ingehuurde directeur € 90.000 zou vragen, is dat de maatstaf.
- Best betaalde gewone werknemer. Het salaris van de best betaalde gewone werknemer in de BV of de verbonden groep. Als je best betaalde developer € 75.000 verdient, kan het DGA-salaris redelijkerwijs niet daaronder liggen.
- Wettelijke ondergrens. Een vast jaarlijks minimum, vastgesteld op € 58.000 in 2026 (het was € 56.000 in 2025).
Je neemt het hoogste van de drie. In de praktijk is het voor de meeste oprichters in een vroege fase, zonder senior personeel en met een verdedigbaar "vergelijkbaar" loon, toets 3, de wettelijke ondergrens, die als eerste bijt. Als vuistregel geldt dus: een BV met één oprichter moet voor 2026 rekening houden met een bruto DGA-salaris van € 58.000, tenzij een lager bedrag kan worden onderbouwd.
| Gebruikelijkloon-toets | Wat het meet |
|---|---|
| 1. Vergelijkbare dienstbetrekking | Marktloon voor dezelfde functie, zonder aandelen |
| 2. Best betaalde werknemer | Hoogste gewone salaris in de BV of groep |
| 3. Wettelijke ondergrens | € 58.000 (2026) |
Waarom de regel bestaat
Zonder de regel zou een oprichter zichzelf helemaal geen salaris kunnen betalen en alles als dividend kunnen opnemen. Dividend wordt belast in Box 2 (inkomen uit aanmerkelijk belang) tegen ongeveer 24,5% tot circa € 67.000 en 31% daarboven in 2026, terwijl salaris in Box 1 wordt belast tegen progressieve persoonlijke tarieven plus sociale premies. Door salaris helemaal over te slaan, zou een oprichter de laag loonheffing en sociale lasten ontlopen die gewone werknemers wel betalen.
De gebruikelijkloonregel dicht dat gat. Hij dwingt af dat een minimumbedrag als loon uit dienstbetrekking in Box 1 wordt behandeld, zodat de DGA loonheffing (en waar van toepassing sociale lasten) afdraagt zoals elke andere senior werknemer. Alles boven het gebruikelijk loon kan nog steeds als dividend worden opgenomen, en daar zit de planningsruimte.
Wanneer je een lager salaris mag opnemen
De ondergrens van € 58.000 is een standaard, geen absoluut bedrag. Er zijn drie legitieme routes naar een lager bedrag, in oplopende volgorde van hoe vaak ze daadwerkelijk van toepassing zijn:
- De gebruikelijkloon-vrijstelling. Als het gebruikelijk loon voor het werk in een jaar € 5.000 of minder zou zijn, hoeft er geen salaris te worden vastgesteld. Dit helpt een actieve oprichter zelden; het is bedoeld voor echt marginale activiteit.
- Een formeel verzoek voor een lager gebruikelijk loon (verzoek lager gebruikelijk loon). Je kunt de Belastingdienst vragen om toets 1 of toets 2 onder € 58.000 toe te passen, mits je kunt onderbouwen dat de vergelijkbare dienstbetrekking of de best betaalde werknemer echt lager ligt. Dit vraagt bewijs, niet alleen een bewering.
- Een echt passieve holding. Waar helemaal geen arbeid wordt verricht (bijvoorbeeld een pure vermogens-BV zonder operationele activiteit), kan een onderbouwd standpunt voor een gebruikelijk loon van € 0 standhouden. Het sleutelwoord is onderbouwd: de Belastingdienst toetst of er echt werk wordt gedaan.
Niet zeker welke route bij jouw opzet past? Ons team regelt het gebruikelijkloon-standpunt samen met je payroll. Bekijk de boekhouddienst →
DGA-salaris in een Holding+OpCo-structuur
Als je de standaard oprichtersstructuur hebt, een persoonlijke Holding BV die een Operating BV bezit, verandert de gebruikelijkloonregel op een nuttige manier van vorm:
- De regel geldt één keer voor de hele groep, niet per BV. Je bent geen € 58.000 verschuldigd bij de Holding én € 58.000 bij de OpCo.
- In de standaardopzet betaalt de Holding het DGA-salaris en betaalt de Operating BV een managementfee aan de Holding om dat te bekostigen.
- Zo blijft de salarisverplichting alleen bij de Holding en blijft de Operating BV schoon, wat van belang is voor de waardering, voor het opnemen van mede-oprichters of investeerders op OpCo-niveau, en voor een toekomstige verkoop van de operationele onderneming.
Dit is een van de belangrijkste redenen waarom oprichters vanaf dag één een Holding erbovenop zetten. Als je nog geen structuur hebt gekozen, doorloopt de gids over holdingstructuren de mechaniek van de managementfee, of bekijk het pakket Holding + Operating BV voor € 2.495 all-in.
Box 1 vs Box 2: de rekensom
Het hele punt van het DGA-salaris goed vaststellen is om uit te komen op de meest belastingefficiënte verdeling tussen salaris en dividend. De twee boxen werken heel verschillend:
| Box | Wat het belast | Tarief 2026 |
|---|---|---|
| Box 1 (salaris) | Inkomen uit dienstbetrekking, progressief | ~36,97% tot ~49,5% |
| Box 2 (≤ ~€ 67k) | Dividend, lage schijf | ~24,5% |
| Box 2 (boven ~€ 67k) | Dividend, hoge schijf | ~31% |
Bovenop Box 1 geldt een bijdrage Zorgverzekeringswet (ZVW) van ongeveer 5,32% tot een maximum. Controleer de exacte schijven voor 2026 op het moment van aangifte; de cijfers uit het Belastingplan worden geïndexeerd en zijn laat aangepast.
Voor een typische oprichter zonder de 30%-regeling is de efficiënte mix: neem het gebruikelijk loon van € 58.000 in Box 1 (wat, inclusief sociale lasten, ruwweg € 20.000 tot € 25.000 aan belasting kost) en neem elk verder bedrag op als dividend in Box 2. Het salaris is bovendien aftrekbaar van de winst van de BV, zodat het tegelijk de vennootschapsbelasting (Vpb) verlaagt. Voor het volledige plaatje aan de bedrijfskant, zie de gids over Nederlandse BV-belasting 2026.
Samenloop met de 30%-regeling
Als je in aanmerking komt voor de 30%-regeling, wordt ongeveer 30% van je belastbare salaris belastingvrij, tot het maximum van de Balkenende-norm. Tegen een DGA-salaris van € 58.000 betekent dat een effectief belastbaar deel van ongeveer € 40.600, met ruwweg € 17.400 belastingvrij ontvangen.
Daarom verhogen oprichters die in aanmerking komen hun DGA-salaris vaak bewust: een hoger salaris betekent een grotere belastingvrije 30%-schijf (tot het maximum), zodat de regeling beloont om meer inkomen als salaris dan als dividend op te nemen, het tegenovergestelde van het standaardadvies. Let op: de regeling daalt per 1 januari 2027 naar 27%, en ze geldt voor werknemers die naar Nederland verhuizen, niet automatisch voor een niet-ingezeten oprichter die nooit verhuist.
De buitenlandse DGA, het bijzondere geval
Als de DGA niet in Nederland woont en zijn werk in het buitenland verricht, wijst het relevante belastingverdrag de heffing over dat arbeidsinkomen meestal toe aan het woonland. In die situatie is er over het DGA-salaris mogelijk geen Nederlandse loonheffing verschuldigd. Maar dit is een standpunt dat veel documentatie vergt, geen vrijbrief:
- Een loonadministratie is nog steeds vereist, ook als er uiteindelijk geen Nederlandse loonheffing wordt betaald. De administratie moet bestaan.
- De Belastingdienst let steeds scherper op grensoverschrijdende DGA-opzetten, vooral wanneer wordt betoogd dat de BV "in Nederland wordt geleid" terwijl de DGA vanuit het buitenland werkt.
- Een vrijstelling van loonheffing vereist zorgvuldig bewijs: een woonplaatsverklaring op grond van het verdrag, vastleggingen van je werkpatroon en een samenhangend standpunt over waar de onderneming feitelijk wordt geleid.
Dit is precies het soort opzet waarbij het papierwerk vanaf het begin goed regelen veel goedkoper is dan het achteraf reconstrueren onder een controle. Praat met ons over je woonplaatspositie →
Controle aan het einde van het jaar
Het gebruikelijk loon wordt beoordeeld over het kalenderjaar, dus december is het moment om te controleren wat je daadwerkelijk hebt opgenomen. Als je salaris tot dan toe onder € 58.000 ligt (of onder de drempel die voor jou geldt), is de schone oplossing een eindejaarsbonus via de payroll om vóór 31 december aan te vullen tot de ondergrens.
Het is veel makkelijker om vooraf aan te vullen dan om achteraf een tekort met de Belastingdienst uit te vechten. Door een korte decembercheck in je routine in te bouwen, naast je btw- en jaarrekeningdeadlines, houd je de positie netjes.
Sancties bij niet-naleving
Als je te weinig gebruikelijk loon betaalt, kan de Belastingdienst het verschil als fictief loon herkwalificeren: het behandelt dividend of niet-aangegeven bedragen als loon dat betaald had moeten worden. Dat brengt loonheffing, sociale lasten, boetes en rente met terugwerkende kracht terug. In extreme gevallen van materiële, opzettelijke niet-naleving kan het een strafrechtelijk onderzoek aanwakkeren, al is dat zeldzaam.
De praktische conclusie is simpel: de gebruikelijkloonregel is een van de meest routinematig gecontroleerde punten bij BV's met een eigenaar-bestuurder, dus het is geen hoek om af te snijden. Vanaf het begin een nette payroll voeren neemt het risico volledig weg.
Veelgestelde vragen
Leg de afwezigheid vast. Dien een verzoek lager gebruikelijk loon in met onderbouwing. De Belastingdienst accepteert een jaar met aantoonbaar weinig activiteit doorgaans, mits je het kunt bewijzen.
Niet meer sinds de gebruikelijkloonregeling is aangescherpt. De oude constructies met salaris nul en alleen dividend worden vol geraakt. Een actieve DGA moet minstens het gebruikelijk loon opnemen; alleen een echt passieve holding waar geen arbeid wordt verricht kan voor € 0 pleiten.
De salarisverplichting blijft bestaan en je bouwt een schuld aan loon aan jezelf op. In de praktijk stellen veel oprichters de uitbetaling uit als het krap is, maar de boekhoudkundige en fiscale verplichting loopt wel gewoon door in de boeken.
Bruto. De € 58.000 is het bruto gebruikelijk loon. Wat je er netto van overhoudt, hangt af van je persoonlijke fiscale situatie, de 30%-regeling en een eventuele socialezekerheidspositie.
Via een standaard maandelijkse loonadministratie die loonheffing en eventuele sociale premies aangeeft. Onze DGA-payroll kost € 45/maand plus een eenmalige setup van € 120 en verzorgt de aangiften voor je.
De ondergrens van € 58.000 wordt jaarlijks geïndexeerd, dus het bedrag voor 2027 is nog niet bekend. Los daarvan daalt de 30%-regeling per 1 januari 2027 naar 27%, wat kwalificerende oprichters raakt en niet de gebruikelijkloon-ondergrens zelf.
Wil je het salaris laten regelen zonder erover na te denken? Onze DGA-payroll loopt voor € 45/maand plus een setup van € 120. Bekijk de boekhouddienst →